Song Dong, Life is Art, Art is Life Groninger museum

Tijdens onze fietstocht langs het Pieterpad, dat gewoonlijk te voet wordt afgelegd, hebben we ook verschillende musea bezocht. Natuurlijk mocht het Groninger museum niet ontbreken. We zagen daar de tijdelijke tentoonstelling van de Chinese kunstenaar Song Dong (Beijing, 1966). Gewoonlijk vind ik de hedendaagse Chinese kunstenaars, hoewel ze door het Westen gretig omarmd worden, meestal beperkt door hun strijd tegen de politieke traditie in hun land.  Ze verhouden zich als een jonge rebelse generatie tegen de vervreemdende historie van onderdrukking en gebrek aan individualiteit. Song Dong past ook in deze traditie. Veel van zijn kunstwerken ademen een onderhuids verzet tegen de politieke dictatuur van zijn land en tegen de radicale modernisering die in China gaande is. Een wereldkaart opgebouwd uit duizenden snoepjes, een met veldbloemen begroeide heuvel van afval en een grasmat gemaakt van groene slagroom. Het zijn voorbeelden van het werk van Song Dong. In het Groninger Museum is zijn eerste grote solotentoonstelling te zien, bestaande uit video’s, installaties en fotografie. Song is een van de belangrijkste internationaal opererende Chinese kunstenaars van dit moment. Zijn werk wordt wereldwijd door toonaangevende instituten tentoongesteld. Song Dong werd traditioneel opgeleid in de schilderkunst. In 1989, na het Tiananmenprotest, stopt hij echter abrupt met schilderen om zich een paar jaar later te manifesteren met – voor Chinese begrippen – meer experimentele kunstvormen als performance, fotografie, video en installatiekunst. In zijn conceptuele werk onderzoekt Song thema’s als vergankelijkheid, vluchtigheid en verlies.

De tentoonstelling kreeg voor mij echter een persoonlijke dimensie door het autobiografische karakter van het werk in Touching My Father zie je een poging van de zoon om zijn overleden vader aan te raken door over de schaarse bewegende beelden van zijn vader op video de eigen handen van de kunstenaar te projecteren. Hoewel beide beelden ver uit elkaar liggen in de tijd en ze nooit gezamenlijk hebben plaats gevonden, ontstaat er in een intiem contact tussen vader en zoon. Voor mij oversteeg het kunstwerk het autobiografische van de kunstenaar en ging het verder dan de Chinese traditie en ging het over mijn eigen ervaring van het contact tussen vader en zoon. Mijn vader overleed plotseling toen ik 17 jaar oud was. Volop in de puberteit en met de aandacht buiten de familiekring, was ik met alles bezig behalve het contact met mijn vader. Met terugwerkende blik realiseer ik mij dat er een fysieke kloof gaapt tussen het contact als kind en het gemis als volwassen man. Ik herinner mij dat ik mijn vader heb aangeraakt op het sterfbed; een intieme handeling die ik weerspiegeld zie op de video in het Groninger museum.
Het is een statement over de relatie tussen vader en zoon en het taboe dat er ligt op lichamelijk contact. Het overbrugt hiermee tijd en ruimte en herinnerde mij aan mijn eigen proces van verdriet en gemis.

In een andere zaal verbeeldde Song Dong dit thema nogmaals in een werk waarin hij op grote videoschermen in de ruimte op de ene kant het beeld van zijn vader projecteerde en op de ander kant dat van hemzelf. De beelden werden echter verhit en verbrandde en smolten op een zeker moment en toonden daarna de onderliggende beelden van vader of zoon. Op die manier visualiseerde de kunstenaar de doorgaande lijn in de tijd tussen de generaties.

Het was stil in het museum en er was intens contact. En toen moest de fietstocht nog gaan beginnen.

De tentoonstelling Life is art, Art is life is nog te zien tot 1 novermber 2015

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *